maandag 19 juni 2017

Graancirkels, wie maalt er nog om? (afl. 6)

In de nacht van 7 juli 2007 houdt de Engelsman Winston Keech een nachtwake op Knap Hill, met uitzicht op het beroemde East Field, waar ieder jaar de mooiste graancirkels ontstaan. Vijftien jaar geleden heeft hij eens een graancirkel gevormd zien worden (door lichtbollen) maar had helaas geen camera bij zich. Sindsdien is hij erop gebrand het nog eens mee te maken om het wél vast te leggen. Duizenden uren waken en filmen heeft hij erop zitten, maar nog steeds zonder resultaat. In de loop van de tijd heeft hij steeds betere apparatuur aangeschaft en vanavond heeft hij drie vaste filmcamera’s opgesteld plus nog één in de aanslag. Rond half 2 krijgt hij bezoek van Gary King en zijn vriendin Paula. Keech tast het stikdonkere East Field af met de losse lichtgevoelige camera, maar er is niets te zien. Vervolgens praten de drie wat, tot ze iets na 3 uur worden opgeschrikt door een lichtflits. Dat herinnert Keech eraan dat het tijd is de videobanden te verwisselen. In het veld is niets te zien, totdat het heel langzaam licht begint te worden en de infraroodcamera laat zien dat er een nieuwe formatie in het veld ligt. Honderdvijftig cirkels, met een totale lengte van 315 meter en breedte van 152 meter; bijna een hectare graan is platgegaan. Gary en Paula gaan het nog donkere veld in en betreden de formatie, waarbij het nog onbeschadigde graan in de formatie onder hun voeten breekt als was het glas.
De komende dagen onderzoekt Winston zijn videobeelden en ziet dat één camera bij het lichter worden de nieuwe formatie onthult alsof er een schaduw overheen trekt, in 9 minuten tijd, kort na de lichtflits, die een andere camera heeft vastgelegd. Echter, een groep jongelui eist de formatie op en beweert dat de filmbeelden vals zijn.
Later onderzoek geeft echter een andere verklaring: de filmbeelden zijn echt, maar de conclusie van de nachtwakers was onjuist. De flits op de ene camera zou te wijten zijn aan een fout aan het eind van de videoband (laatste seconden) en de opname die Keech rond half 2 maakte lijkt met behulp van speciale technieken toch iets te zien te geven, namelijk de helft van de formatie. De schijnbare vorming van de formatie rond kwart over drie op de derde opname zou veroorzaakt worden door het opkomende licht, al dan niet in combinatie met de maan die achter de wolken vandaan komt.
Ik heb niets kunnen vinden over de bewering van de jongelui, hoe ze het voor elkaar gekregen hebben in een paar een zo’n grote, mooie formatie plat te leggen, in een golvend veld. Maar ook dit ‘overtuigende bewijs van de authenticiteit van het graancirkelfenomeen’ is twijfelachtig.

Op YouTube vond ik nog een derde, recentere opname: lichtbollen doen op 25 juli 2009 een graancirkelformatie verschijnen in Soligny-les-Étangs. Ziet er leuk uit, maar er staat geen zinvolle toelichting bij, dus ik heb m’n twijfels over de echtheid van de opname.

Kortom: er is geen filmmateriaal dat onomstreden aantoont hoe een graancirkel wordt gemaakt zonder mensenhanden en -voeten. Hiervoor zijn drie verklaringen mogelijk:
  1. graancirkels ontstaan immers niet zonder inspanningen van de genoemde ledematen;
  2. het verschijnsel is zo zeldzaam en kortdurend dat het toeval zou zijn als het zou worden gefilmd, of toeval dat het nog niet is gelukt;
  3. er is een intelligentie aan het werk die het raadsel koste wat het kost een raadsel wil laten blijven, misschien om mensen te wijzen op hun beperktheid, of om welke reden dan ook (“alsof de duvel ermee speelt”, zouden we zeggen).

Als mijn indruk juist is worden de verklaringen 1 en 3 verreweg het meest aangehangen, en het mag duidelijk zijn door wie. Zelf neig ik naar een combinatie van alle drie de verklaringen; zoals Haselhoff al merkte, evenals alle graancirkelonderzoekers, zijn er bijna geen twee graancirkels precies hetzelfde. Dat geldt zowel voor vorm en afmeting als voor ontstaan als voor de naderhand in de formatie gevonden anomalieën.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen