maandag 22 mei 2017

Graancirkels, wie maalt er nog om? (afl. 2)

Op een warme, windstille dag in 1946 hoort H. Lagies tussen Welspang en Süderfahrenstedt in Duitsland opeens een fluitend geluid en ziet een drie meter brede tegen de klok in draaiende spiraal van plantenresten de lucht in gaan, gevolgd door vier smallere straalsgewijze eromheen – met de klok mee draaiend opstijgend tot een hoogte van zo'n achttien meter, op welke hoogte grote turbulentie ontstaat die de vijf kolommen samenbrengt tot een enkele wervelende zuil, opstijgend tot grote hoogte. Als de waarnemer op onderzoek uitgaat blijken er te plekke een grote centrale en vier smallere randcirkels te liggen, van dezelfde doorsnede als de graanzuilen.

In augustus 1985 ziet bakker Jean-Paul Goethals op weg naar zijn werk rond Assenede in België 's nachts drie witgrijze lichtende bollen boven een veld hangen. Na enkele seconden beginnen de bollen op en neer en rond te bewegen. Na enige tijd staan ze stil, om enkele ogenblikken later te verdwijnen. Op de terugweg vindt de bakker in het bewuste veld vier of vijf cirkels met een doorsnede van 6 tot 7 meter, de grootte van de waargenomen bollen.

In juli 1988 rijdt boer Tom Gwinnett uit Woolaston in Engeland op een avond langs een tarweveld, als plotseling de lampen van zijn auto doven. Meteen hoort hij een vreemd snorrend geluid en ziet hij in het aangrenzende korenveld een doffe rode bol ter grootte van een voetbal, die lijkt te bestaan uit vonkjes die afkomstig lijken uit de toppen van het graan. Een minuut of twee later verdwijnt de bol en gaan de koplampen van de auto weer aan. De volgende morgen vindt de boer op het veld op de bewuste plek een cirkel met een doorsnede van zo'n zes meter.

In 1998 waken David Kingston en anderen op Clay Hill in Engeland. Drie afzonderlijke lichtbollen met gekleurd licht en een doorsnede van ongeveer 1,8 meter zweven drie uren lang rond en boven de waarnemers op de top van Clay Hill. Op sommige momenten voegen ze zich samen in een enkele bol en scheiden zich vervolgens weer. Plotseling daalt één van de lichtbollen af en vliegt naar beneden in het veld aan de voet van de heuvel. Als de dag aanbreekt bemerkt Kingston een platgelegde cirkel in een veld tarwe.

Tijdens Walpugisnacht in 2000 waakt een grote groep graancirkelonderzoekers in de heuvels bij het Duitse Burghasungen. Om 1 uur lijken de lichten van het dorp aan de overkant van het dal geleidelijk te doven alsof er iets donkers van bovenaf voor schuift. Langzaam wordt de hele vallei onnatuurlijk donker en stil. Na een kwartier schijnt het Janet Ossebaard, Bert Janssen en de andere waarnemers toe alsof er langzaam een donkere stolp wordt opgetild, waardoor de elektrische lichten weer zichtbaar worden en de nachtgeluiden terugkeren. Een uur later gebeurt precies hetzelfde nog eens. De volgende morgen wordt na enig zoeken een verse formatie gevonden in één van de koolzaadvelden.

In augustus 2001 logeert Nancy Talbot in het huis van Robbert van den Broeke in het Noord-Brabantse Hoeven. Om 3 uur ’s nachts hoort zij koeien schor loeien en vijf minuten later opnieuw. Nog vijf minuten later wordt haar kamer door de dunne gordijnen heen een seconde lang helder verlicht door een zuil van licht die boven het bonenveld achter het huis moet hangen, en een seconde later een tweede en een derde keer. Robbert ziet het gebeuren vanuit de keuken. De volgende morgen blijkt er in het bonenveld een formatie te liggen.

In de namiddag van 7 juli 2003 zien drie tienerjongens boven een veld bij het Italiaanse Montegranaro een lichtbol verschijnen die een lichtbundel in het gewas neerzendt, waar de plek lijkt te gloeien. Als ze in het veld gaan kijken is er niets te vinden, maar de volgende dag ligt er een uit drie cirkels bestaande formatie.

Roy en Robbert zijn in de nacht van 3 op 4 juni 2014 onderweg naar huis als Robbert het gevoel krijgt dat er iets bijzonders gaat gebeuren in een bepaald tarweveld. Als ze de auto parkeren zien ze een gloeiende bol laag over de akker bewegen, die het hele veld oplicht. Via trekkersporen lopen ze het land in richting het licht, tot ze een luid ‘elektrostatisch gezoem’ horen en Robbert zegt: ,,Dit moet de plek zijn.” Op dat moment schiet de lichtbol pal voor hen door de toppen van het gewas en in het heldere schijnsel zien de mannen in één seconde vijf cirkels platgelegd worden in het jonge graan.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen